The multilingual point - Patrick Keulemans

The multilingual point: Patrick Keulemans
09 jan 2016 - 21 feb 2016
Exhibition Views: 
Tentoonstellingsoverzicht 1
 Tentoonstellingsoverzicht 2
Tentoonstellingsoverzicht 4
Tentoonstellingsoverzicht 7
Tentoonstellingsoverzicht 3
Tentoonstellingsoverzicht 6
Tentoonstellingsoverzicht 8
Tentoonstellingsoverzicht 5
Tentoonstellingsoverzicht 9
Text: 

The multilingual point

Ergens in het onmetelijke universum bevindt zich een kleine stip, onze aarde, ‘The multilingual point’. Een verzamelpunt van levende en dode talen.

Het werk van Patrick Keulemans ontstaat uit een fascinatie voor taal. Taal als drager van communicatie en betekenis maar in zijn complexiteit ook van misverstand en betekenisverlies. In die taal is het punt het kleinste én meest universele teken. Het is een onderdeel van letters en tekens. Het markeert het einde van elke zin. Het creëert duidelijkheid, bakent af, suggereert, symboliseert.

Patrick Keulemans werkt in deze tentoonstelling vaak met diverse vormelijke toepassingen en betekenislagen van het punt. Het functioneert niet alleen als metafoor voor onze veeltalige wereld, maar verwijst even goed naar (restanten van) betekenis en is nu eens perforatie, dan weer cirkel of gewoonweg punt.

Taalkundig functioneren punten in de eerste plaats als zin-onderscheidende tekens, onderbrekingssignalen die de leesbaarheid van teksten vergroten. In ‘Hermetic – James Joyce’ verwerkt Patrick Keulemans een klassiek fragment uit de wereldliteratuur - het laatste hoofdstuk van Ulysses - dat door de afwezigheid van punten en andere leestekens zo goed als onleesbaar is. Dit fragment vat hij in een stuk leer, verwijzend naar de eerste dragers van communicatie. In een lange ketting van met letters gevulde punten, maar nu zonder spaties tussen de woorden, valt de talige structuur helemaal weg. De punten worden een doorlopend visueel patroon. Dat gelijkaardige patronen in geperforeerde stukken leer even goed opgevuld kunnen worden met de bits van computertaal of verwijzingen naar de Israëlische kwestie, roept vragen op over de uitwisselbaarheid van symbolen en hoe talige inhoud al dan niet onze manier van kijken naar een gelijkaardig object bepaalt.

‘The copy paste society’ knipoogt naar John Baldessari, Damien Hirst, Roy Lichtenstein, Atsuko Tanaka en Yayoi Kusama die van het punt – of de bol – een merkteken hebben gemaakt. Het werk verwijst naar de kwestie van het kopiëren. Wat is een origineel idee? Hoe geef je eigenheid aan iets zo universeel en herkenbaar als een punt? Kan je universele vormen en symbolen als de cirkel, het punt, claimen? En kan er dan sprake zijn van kopie – plagiaat - als je dit reproduceert? Plagieer je als je iemands handelsmerk herhaalt, maar in een andere vorm giet? Is taal niet bij uitstek gebaseerd op conventies, op herhaling, dus op kopie? Los van die vragen is ‘The copy paste society’ een werk met een krachtige poëtische uitstraling. In een ritmisch patroon van dwars op de muur gehangen kaders zitten titels van werken van deze kunstenaars gevat tussen transparante glazen platen. Het ritme van de vijf werken voegt trouwens nog een visuele laag toe aan het thema van de kopie.

De nieuwe, compacte vorm van ‘Peptalk’ vat woorden en delen van zinnen in capsules, als een voor een in te nemen pillen, maar ook als kostbare restanten van taal en betekenis. Die restanten vinden we ook terug op twee oude vinylplaten – cirkels – waarop verloren gegane talen staan opgelijst.

De spanning tussen heden en verleden is een van de rode draden doorheen de tentoonstelling. Soms voel je gewoon geschiedenis in de mooie patine die werken bedekt, soms is het de herinnering aan wat verloren is die raakt. Anderzijds is de vluchtigheid en oncontroleerbaarheid van hedendaagse media nooit ver, zoals bijvoorbeeld in ‘Wikileaks cloud’. En ondanks de kritische ondertoon en het vleugje melancholie slaagt Keulemans er geregeld in zichzelf te relativeren en de bezoeker een glimlach te ontlokken. Met ‘Framework’ en zijn pin-punten als guitige knipoog.

'Story of a tail' ziet er op het eerste zicht uit als een mooi vormgegeven bladspiegel. Tekst is hier echter niet te zien. Wel een patroon van kunststofbuisjes die – de titel zegt het – paardenhaar bevatten. Kleine relikwieën met een fascinerende inhoud. Gelijkaardige patronen zien we ook in andere werken, zoals '18 pages of dna', een reeks mooi bewerkte panelen waar in de groeven een soort morsecode is aangebracht. Beeldende interpretaties van tekstvoorstellingen.

Op de zolder van de galerie verandert de toon van de tentoonstelling enigszins. Conceptuele kracht en ironie maken hier plaats voor een meer persoonlijke poëzie. Voor het eerst toont Patrick Keulemans een aantal zelfportretten, geschreven met een zelfgemaakte pen, een stuk hout waardoor de inkt organisch vloeit als de levenssappen door de boom. Zichzelf daarmee insluitend in zijn eigen talige universum.

Lies Daenen
17 12 15